2009

2008 • 20072006 2005200420032002 2001 20001999 1998 1997 1996 1995 1994 • 19931992

 

 

Titel  Boek

 

Haagse Invasiewet moet onmiddellijk van tafel nvt 16 juli 2009
Europa en Amerika tussen eb en vloed Ronald Havenaar Eb en vloed, Europa en Amerika van Reagan tot Obama, Uitgeverij G.A. van Oorschot, Amsterdam 2009 25 maart 2009

 

 

 

Europa en Amerika tussen eb en vloed

Volgens de Amsterdamse historicus Ronald Havenaar voltrekt zich sinds Ronald Reagan een mentaliteitskloof tussen de Verenigde Staten en Europa. In die jaren tachtig zagen we de eerste contouren van een revolutie in de markteconomie waardoor de Europese verzorgingsstaat werd bedreigd. In plaats van een ontspanningspolitiek voerde hij een confrontatiepolitiek ten opzichte van het ‘evil empire’ de Sovjet-Unie die werd aangewakkerd door een sterk opkomende evangelische beweging. Amerika vertoonde steeds minder gelijkenis met de geseculariseerde Europese welvaartsmaatschappij.

Die césuur van Havenaar is nogal kunstmatig. Zo heeft in de Amerikaanse geschiedenis wel vaker een religieuze revival plaats gevonden. In de negentiende eeuw ontwikkelde Amerika een sterk exceptionalisme waardoor de afstand met Europa alleen maar groter werd. Historicus Richard Hofstadter schreef: ‘Het is het lot van onze natie geen ideologieën te hebben maar er een te zijn.’ Amerika was de natie op Gods voetenbankje en daar was maar plaats voor een. Het unieke missionaire denken stond haaks op de machtspolitieke uitgangspunten van de Europese naties wiens diplomaten lange tijd handelden binnen een ‘balance of power’-model.

Het Amerikaanse anti-overheidsdenken en de lage belastingmoraal zijn constanten in de Amerikaanse geschiedenis. De wortels van het Reagan-conservatisme lagen dus veel dieper.

De werkelijkheid laat zich moeilijk schematiseren en mentale verschillen zijn niet goed meetbaar. Bovendien zijn er meerdere Amerika’s die wisselend dominant zijn. Reagan en Bush 2 waren representanten van het plattelands Amerika, Clinton en meer nog Obama van het grootstedelijke Amerika met een deels ander normen en waardepatroon.

De verdienste van ‘Eb en vloed’ (mooie titel!) is dat Havenaar als verteller uitstekend kan uitleggen hoe anders Amerika en Europa zijn of beter nog waren. Dat manifesteert zich inderdaad ook volop in de recente geschiedenis.

In de aanloop naar de Irak-oorlog stonden Duitsland en Frankrijk tegenover de Verenigde Staten. Dat wisten we natuurlijk al maar Havenaar verdiept door ons de diepere sentimenten te schetsen. De ‘Deutsche Weg’ drukte een behoefte aan emancipatie uit. Over beide Duitslanden schrijft hij: ‘Tijdens de Koude Oorlog  waren de twee delen van Duitsland een protectoraat geweest van de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten.’ Het voormalige West-Duitsland was blij de ‘last van de dankbaarheid te hebben afgeschud.’ De spanningen tussen Amerika en Europa liepen hoog op en we herinneren ons de beschuldiging van de Duitse minister van Justitie dat de oorlogszuchtige plannen van Bush waren bedoeld om de aandacht van de binnenlandse problemen af te leiden ‘net zoals Hitler dat had gedaan.’

Gezien alle verschillen is Havenaar voorzichtig over de toenadering tussen Europa en het Amerika onder Obama. Maar onze steeds gevaarlijker wereld wordt in snel tempo voor al z’n inwoners een ‘global village’. Dat betekent dat economische en veiligheidsbelangen steeds meer samen zullen vallen. Moderne communicatiemiddelen in de brede zin van het woord doorbreken nu reeds mentale grenzen. Amerika heeft al een pragmatische president die over een divers gebied regeert op basis van een democratische consensus. Een internationalist ook.

Het wachten is in politieke zin op Europa. In tegenstelling tot Havenaar verwacht ik nu juist wel dat Europese burgers en politici zich uiteindelijk meer bewust zullen worden van een kernwaarden- en belangenverstrengeling tussen Amerika en Europa. De Atlantische Oceaan die ons scheidt, wordt steeds minder relevant.

 

Terug

 

Haagse Invasiewet moet onmiddellijk van tafel

 

Jan Peter Balkenende en Maxime Verhagen overlegden vorige week in het Witte Huis met president Obama over onze goede betrekkingen. In 2009 wordt daar extra aandacht aan besteed in het kader van de New York-400 viering. Obama-watcher Willem Post vindt echter dat eerst 'The Hague Invasion-act' van tafel moet.

New York staat na de zomer bol van de feestelijkheden vanwege haar 400 jarig bestaan. Amsterdam en in bredere zin Nederland stonden aan de wieg van 's werelds beroemdste stad.
New York is ook een metafoor. Symbool van democratische waarden als tolerantie en individualisme. Amerikaanse schoolboeken moeten herschreven worden omdat dit progressieve gedachtegoed absoluut niet van de Britten afkomstig is maar van die eerste, voor die tijd, vrije Hollanders. In Nieuw Amsterdam brachten zij gewetensvrijheid: een smeltkroes van culturen.
Alle aanleiding dus voor een gezamenlijk feest, maar helaas heeft de Amerikaanse volksvertegenwoordiging nog steeds niet de 'The Hague Invasion Act' ingetrokken. Dit is een regelrechte schande en dreigt de vreugde te verstoren. Nog voor het zomerreces in augustus moet het Congres deze blamage van tafel vegen.
Minister Maxime Verhagen van Buitenlandse Zaken heeft onlangs in diplomatieke taal dezelfde boodschap in Washington afgegeven. Twee Congresleden zijn nu bezig een soort van 'feestresolutie' te ontwerpen teneinde de goede betrekkingen tussen de Verenigde Staten en Nederland nog eens te onderstrepen.
Ik vertrouw daar niet op. De Nederlandse regering moet geen genoegen nemen met een slap epistel. In hun resolutie moet klip en klaar komen te staan dat de eerdere resolutie wordt ingetrokken en dus geen militaire middelen zullen worden ingezet bij arrestaties van Amerikaanse soldaten door het Internationale Strafhof in Den Haag.
Vlak na de terroristische aanvallen van 11 september 2001 werd de invasiewet op instigatie van de ultrarechtse senator Jesse Helms aangenomen. Dat was toen nog in een paniekerige sfeer waarin achter iedere boom een terrorist zou kunnen schuilen. Helms wenste geen enkel beletsel in de strijd tegen het internationale terrorisme. Onder bange Amerikanen, waaronder dus ook veel Congresleden, heerste grote onzekerheid over de politieke rol die het pas opgerichte Strafhof zou kunnen gaan spelen. Helms zei in de Senaat dat van een eerlijk proces geen sprake kon zijn. Hij vond het Strafhof 'bogus'. Zo'n wereldinstituut deed allemaal te veel denken aan de door hem gehate Verenigde Naties waarbinnen immers de mensenrechtencommissie de Verenigde Staten voortdurend bekritiseerde.
Hoe cynisch dat juist de Amerikaanse regering korte tijd later op Guantanamo Bay een hof en gevangenis installeerde. Nieuw beleid dat het internationaal strafrecht met voeten zou treden. Het Internationaal Strafhof daarentegen heeft bewezen een echt juridisch en dus vertrouwenwekkend hof te zijn.
President Obama werkt constructief samen met dat hof. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de druk die de Amerikaanse regering samen met het Internationaal Strafhof uitoefent om president Basjir van Soedan te berechten. De Amerikaanse regering overweegt een waarnemersstatus bij het Strafhof in te nemen zodat zij in ieder geval kan participeren in discussies betreffende de activiteiten van het Internationaal Strafhof. Diverse invloedrijke Obama-ministers en topfunctionarissen, zoals ambassadeur Susan Rice bij de Verenigde Naties, zijn uitgesproken pro-Strafhof.
Helms heeft zijn landgenoten in wezen op een broodje aap verhaal getrakteerd. Zelfs als de Verenigde Staten lid van het hof zouden zijn, ligt bij aanklachten vanwege de meest ernstige misdaden als genocide het primaat bij de eigen rechtspraak. Alleen al de mededeling dat de Amerikaanse overheid een onderzoek instelt, brengt een eventuele zaak onder Amerikaanse jurisdictie.
Nederland heeft een speciale relatie met de Verenigde Staten. Onze mannen en vrouwen zetten hun leven op het spel in landen als Afghanistan. Wij zijn de vierde investeerder in Amerika. Vrijwel nergens ter wereld is Obama zo populair als bij ons.
Vanzelfsprekend zullen onder een verstandige, transnationaal opererende president als Obama de verhoudingen met het Internationaal Strafhof worden genormaliseerd. Als je een werkelijk diepgaande relatie met elkaar wilt hebben, moet je er beiden aan werken om het goed te houden. Het Democratische Congres dient dus in actie te komen om de 'Haagse' schande uit te wissen. Beter vandaag nog dan morgen.

 

 

Terug