| Wilders, blijf weg uit New York! | 09-08-2010 |
| Geen 'Rotterdamse' onderwijstoestanden in Nederland | 27-11-2004 |
| Bernhard vooral een politieke prins | 08-12-2004 |
Geen ‘Rotterdamse’ onderwijstoestanden in Nederland
Kijkend naar Amerika maak ik mij zorgen over Nederland. Wat kunnen wij veel leren van dat ‘oude’ multiculturele experiment aan de andere zijde van de Atlantische Oceaan. Nu al eeuwenlang een smeltkroes van culturen.
Opeens hebben wij in Nederland ook een multicultureel probleem. Ons land is min of meer in paniek met als gevolg dat er wonderlijke adhoc-beslissingen worden genomen. In maatschappelijke discussies, als je daar al van kunt spreken, verdwijnen steeds vaker de nuances.
Het valt me op dat wij zo ‘probleemgericht’ ingesteld zijn en niet ‘oplossingsgericht’. Wij zeuren vaak zoveel. Hadden we maar iets van die praktische Amerikaanse ‘can do’-mentaliteit.
Neem het Amerikaanse onderwijs in grote steden. Onlangs bezocht ik scholen in de New Yorkse Bronx en Harlem. Ongelooflijk, wat een vooruitgang. Door een ‘zero tolerance’-aanpak is de criminaliteit in de omgeving sterk gedaald. Er zijn uitstekende onderwijskundige projecten waarin kinderen van peuterleeftijd tot volwassenheid via een geïntegreerde wijkaanpak worden ondersteund. Iedereen doet er aan mee. Van sociaal-medische professional tot vrijwilliger. De school als bruisend middelpunt van de wijk. Als de onderwijzer ’s middags de school verlaat, wandelen grootouders juist naar binnen voor de naschoolse opvang. Zij dwingen respect af bij de kinderen.
De mensen, die ik ontmoet in Harlem en de Bronx, begrijpen absoluut niet wat wij bedoelen met een ‘zwarte’ school, zo ontdekte ik al gauw. Zwarte en witte kinderen bestaan niet. Als ik herhaaldelijk probeer uit te leggen wat in Nederland een ‘ zwarte school’ is, krijg ik even zo vaak de opmerking terug: ‘Maar man, leg nu eens uit wat het probleem is en vooral wat is jullie oplossing. Zwarte scholen bestaan niet.’ Het is onethisch, discriminerend zelfs om van zulke scholen te spreken.
Hun boodschap is: als er scholen in achterstandsgebieden zijn, stop daar dan geld in en de allerbeste onderwijskundige ‘know how’. ‘ Jullie weten in Nederland toch wel hoe je een goede school moet opzetten?!’
De autochtonen- en allochtonenscholierenlijsten, die men nu in Rotterdam wil aanleggen voor basisscholen, zijn stigmatiserend. Selecteren roept bij mij onheilspellende beelden op.
Gedwongen integratie werkt niet. Het urenlang rondrijden met kinderen in schoolbussen om zo gemengde scholen te krijgen is een enorme mislukking geworden in de Verenigde Staten. Het staat haaks op allerlei grondwettelijke vrijheden,
Rotterdam, behoud uw nuchterheid! Kies niet voor een cosmetische oplossing maar voor een inhoudelijke aanpak.
BERNHARD VOORAL EEN POLITIEKE PRINS
Prins Bernhard staat bekend als een onvermoeibare handelsreiziger voor het Nederlandse bedrijfsleven. Dat is een eenzijdig beeld. Hij kon deze economische invloed aanwenden vanwege zijn Koninklijke status maar later vooral dankzij zijn politieke invloed.
Terwijl onze ‘provinciaalse’ politici in de jaren vijftig nog over hun zuilen, hun smaldelen, regeerden had de kosmopolitische Bernhard al een weidse visie op Europa, de Verenigde Staten en de rest van de wereld.
Niet verwonderlijk dat een invloedrijke groep Europese politici en zakenlieden bij Bernhard uitkwam om hun voorzitter te worden. Ze waren van diverse politieke pluimage. Er zaten liberalen en sociaal-democraten bij.
Het gezelschap maakte zich kort na de Tweede Wereldoorlog zorgen over het nog zo bekrompen nationalisme in Europa. Ook de goede banden met de Verenigde Staten stonden op het spel nu het land al jaren in de ban was van de rabiate, populistische communistenhater Joe McCarthy.
Bernhard trok op persoonlijke titel naar de Verenigde Staten om het hoofd van de CIA achter het initiatief te krijgen. De regering-Eisenhower moest ook afgevaardigden naar Europa sturen.
Aldus geschiedde. In 1954 vond in de bossen bij Oosterbeek, in het Bilderberg-hotel, een historische eerste conferentie plaats. Een cordon van veiligheidsmensen schermde het gezelschap van de buitenwereld af voor geheim overleg.
Bernhard was niet alleen technisch voorzitter maar ook de echte leider. Hij was het die de Amerikanen waarschuwde dat het land kon afglijden naar een fascistische staat. Uiteindelijk zegden de Amerikanen toe ‘dat volgend jaar McCarthy van het politieke toneel verdwenen zou zijn’, hetgeen inderdaad gebeurde.
De meer dan honderd Bilderbergers hielden zich dus met grote zaken bezig. Men sprak over een economische en politieke Nieuwe Wereldorde. Een verenigd Europa zou in goede samenwerking met de Verenigde Staten voor een stabiele wereld moeten zorgen waarbinnen handelsbarrières geslecht zouden worden. Radicalisme op welk gebied dan ook zou deze stabiliteit ondermijnen.
De hotels waar de Bilderbergers jaarlijks vergaderen zijn hermetisch van de buitenwereld afgesloten, soms slechts met een helikopter te bereiken. Wie een eenmalige uitnodiging krijgt (van De Gaulle tot Clinton en Blair) mag zich vereerd voelen omdat de internationale politieke- en zakenelite hiermee vertrouwen in de gast uitspreekt.
Ik vind het zeer opmerkelijk dat Bernhard maar liefst 22 (!) jaar een zeer actieve voorzitter is geweest van de Bilderberg-groep. Bernhard was betrokken bij iedere uitnodiging en dat verschafte hem grote politieke invloed.
Dat ondervond de arme Luns in het begin van de jaren zestig toen hij dacht dat de regering-Kennedy achter het Nederlandse kabinetsstandpunt inzake Nieuw Guinea stond. In zijn memoires vraagt Luns zich wanhopig af hoe het toch mogelijk was dat de regering-Kennedy plotseling voorstander was van de snelle dekolonisatie van ons laatste stukje Azië. Maar de onzichtbare hand van Bernhard had weer eens zijn werk gedaan. De prins had even contact gezocht met Kennedy en hem verteld dat de meerderheid van het Nederlandse volk de schok van het verlies van Nieuw Guinea heus wel te boven zou komen. De Kennedy-administratie zat volgestouwd met verlichte Bilderbergers.
In het begin van de jaren zeventig werd de Amerikaanse nationale veiligheidsadviseur, Henry Kissinger, te verstaan gegeven dat een politieke (en economische) opening naar China wenselijk was. Ook kort na die Bilderberg-conferentie veranderde de Nixon-regering inderdaad van koers.
Op basis van deze voorbeelden kan gemakkelijk geconcludeerd worden dat de formele machtspositie van Bernhard raakte aan de grenzen van de politieke ministeriële verantwoordelijkheid. Hij had een grotere politieke macht dan tot nu toe werd verondersteld.
Daar staat dan tegenover dat onze ministers Bernhard ook de ruimte gaven. Men wist inmiddels in brede kring van het bestaan van ‘Bilderberg’ af en kon in het officiële jaarcommuniqué lezen over welke belangwekkende politieke onderwerpen in ieder geval was gesproken.
Voor mij telt dat de prins, na een aanvankelijke jeugdzonde, aan de goede kant van de geschiedenis stond. De Bilderberg-conferenties hebben een belangrijke bijdrage geleverd aan het Europese eenwordingsproces en goede transatlantische verhoudingen.
Bernhard en Juliana waren ook een politiek duo. Onze oud-vorstin heeft midden in de McCarthy-tijd voor een gezelschap van overwegend conservatieve Congresleden in Washington een historische rede uitgesproken waarin zij sprak over verzoening in de wereld.
Bernhard was minder progressief en meer pragmatisch. Op belangrijke momenten in zijn latere leven heeft hij de juiste keuzes gemaakt. Als zaterdag zijn stoffelijk overschot wordt bijgezet in Delft zijn twee grote Nederlanders met elkaar verenigd. Ik zou het onrechtvaardig en bekrompen vinden wanneer wij dat ‘L-woord’ op zijn grafschrift beitelen.
Wilders, blijf weg uit New York!
Hij mag het religieuze pluralisme in de VS niet in diskrediet brengen. Het voornemen van Wilders om op 9/11 te protesteren tegen de komst van een moskee bij 'Ground Zero' is politiek gezien ongehoord, vindt Willem Post.
Naast gedoogruimte heeft Geert Wilders ook verplichtingen. Zijn geplande bezoek aan New York op 11 september om te protesteren tegen de zogenaamde 'Ground Zero'-moskee overschrijdt politieke grenzen. Uiteraard mag worden verwacht dat ook het Nederlandse buitenlandbeleid van een nieuwe VVD-CDA-regering stoelt op respect voor het internationaal recht en de grondbeginselen van de rechtstaat. Om met dit laatste te beginnen: het geeft geen pas dat een politicus die zijn steun verleent aan het beleid van de Nederlandse regering, zich negatief uitlaat over de scheiding van kerk en staat in een ander land. Het New Yorkse bouwinitiatief komt voort uit de lokale gemeenschap en doorloopt in de huidige plannings- en ontwikkelingsfase keurig de afgesproken procedures. De omgeving van de plek van de voormalige Twin Towers kent meerdere, andere religieuze instellingen. Toekomstig 'regeringspoliticus' Wilders moet zich hier niet mee bemoeien. Onlangs hebben wij '400 jaar New York' gevierd. In brede, ook wetenschappelijke kring, werd de conclusie getrokken dat religieuze vrijheid en pluralisme, die het karakter van de New Yorkse en in bredere zin Amerikaanse maatschappij zo kenmerken, fenomenen zijn die voor een belangrijk deel voortvloeien uit niet zozeer de Brits-Amerikaanse, maar juist de Nederlands-Amerikaanse erfenis. Dat is iets om trots op te zijn en moet niet in diskrediet gebracht worden door een Nederlandse politicus die verantwoording zou kunnen dragen voor het nieuwe kabinet. Temeer ook niet omdat juist deze te bouwen moskee onderdeel uitmaakt van een gemeenschapscentrum in 'Lower Manhattan', dat nadrukkelijk ook toegankelijk is voor niet-moslims. In wezen betreft het hier een bruggenbouwersproject. Het zo gewaardeerde open Joodse gemeenschapscentrum in de 'Upper West-side' is uitdrukkelijk een inspiratiebron voor de grondleggers van de nieuwbouw. Ook de organisatie 'Stop the Islamization of America', die Wilders uitnodigt, kan de Nederlandse regering in verlegenheid brengen. Wilders mag niet verantwoordelijk gesteld worden voor de persoonlijke ultrarechtse opvattingen van Pamela Geller, de rabiate aanvoerder van deze organisatie. Maar een uitnodiging aannemen van een dergelijke waakhondgroepering brengt Wilders wel in verband met dat extreem gedachtegoed. Het Amerikaanse patentbureau heeft de organisatie niet toegelaten en terecht gekwalificeerd als een haatgroepering. Geller typeert Obama als een terroristenvriend, stelt dat Hitler zich liet inspireren door de islam en bagatelliseert het moslimdrama in Srebenica. Het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag beschouwt zij als een verderfelijk moslim- of shariahof. Zij neemt het op voor types als Mladic en Karadzic. Deze standpuntbepalingen staan haaks op de consensus van Nederlandse politieke partijen, hoe verschillend zij ook zijn gepositioneerd in het politieke spectrum. Door alsnog een invitatie voor de demonstratie te weigeren, laat Wilders zien respect te hebben voor democratische beginselen van zijn land en het internationaal recht. Bovendien geeft hij daarmee aan waarde te hechten aan een fatsoenlijke relatie tussen de Nederlandse regering en de regering-Obama, die beleid voert op basis van dezelfde kernprincipes.
